Allergische conjuctivitis

Bron: Arboportaal

Ziektebeeld

  • Conjunctivitis is de medische term voor een bindvliesontsteking van het oog. Het is de meest voorkomende oorzaak van een rood oog. Het oogwit wordt bedekt door een dunne laag slijmvlies (conjunctiva) dat veel fijne bloedvaatjes bevat. Bij irritatie zetten deze vaatjes uit, waardoor het oog rood wordt. De (allergische) conjunctivitis treedt gewoonlijk aan beide ogen tegelijk op.
  • Allergische conjunctivitis door het werk gaat vaak gepaard met allergische rhinitis (allergische neusklachten). Beide aandoeningen zijn een uiting van een zogenaamde ‘vroege’ allergische reactie.
  • Als werkgebonden allergische conjunctivitis optreedt samen met huidklachten in het gezicht en rond de ogen, moet eerder gedacht worden aan contactallergie als oorzaak. De klachten zijn dan een uiting van een ‘late’ allergische reactie.
  • Bij allergische conjunctivitis komen de volgende hinderlijke klachten voor: jeukende, branderige ogen, waterige afscheiding en wisselend matige tot hevige roodheid. Vaak gaan deze klachten dus samen met loopneus, niezen, verstopte neus (allergische rhinitis). Minder frequent is het samengaan met verschijnselen van astma zoals een piepende ademhaling en benauwdheid (allergisch astma). In plaats van een combinatie met klachten van de luchtwegen is ook een samengaan met huidklachten (eczeem) van het gezicht mogelijk.
  • De klachten treden op na blootstelling aan bepaalde stoffen in het werk, nemen af tijdens vrije dagen en treden weer op na werkhervatting.
  • De klachten kunnen bij steeds terugkerende blootstelling een chronisch karakter krijgen.
  • Naast de allergische reactie op een bepaalde stof kan ook een toegenomen gevoeligheid van het oogslijmvlies optreden voor onbepaalde prikkels zoals sprays, parfums, schoonmaakmiddelen, formaline en andere irriterende dampen.
  • Allergische conjunctivitis kan worden behandeld met druppels die specifiek tegen een allergie in het oog werkzaam zijn.

Oorzaken

  • Blootstelling via de lucht aan bepaalde allergenen (stoffen waarvoor men overgevoelig kan worden) in de werksituatie zoals meel, latex, enzymen, stuifmeel en andere eiwitten van dierlijke of plantaardige oorsprong die een vroege allergische reactie kunnen veroorzaken.
  • Blootstelling via de lucht of door huidcontact aan bepaalde allergenen in de werksituatie zoals conserveermiddelen, acrylaten, epoxy-verbindingen, houtstof en andere contactallergenen.
  • De oorzaken voor een werkgebonden allergische conjunctivitis en rhinitis zijn dezelfde als voor allergisch beroepsastma.
  • Mensen met atopie zijn gevoeliger en ontwikkelen sneller een allergie voor allergenen met een hoog molecuulgewicht zoals eiwitten van dierlijke en plantaardige oorsprong. Atopie is een erfelijke aanleg voor het krijgen van een allergie. Mensen met atopie maken bepaalde antilichamen (beschermende eiwitten) aan als reactie op blootstelling aan lage concentraties van heel gewone stoffen die in de omgeving aanwezig zijn. De overdreven afweerreactie die volgt na het contact met de betreffende stof (allergeen), kan problemen opleveren in verschillende delen van het lichaam (longen, huid en neus en ogen). Mensen met atopie hebben vaak een allergie voor bekende dingen als huisstofmijt of bepaalde dieren. Zij kunnen daar ook oog- en neusklachten door hebben.

Diagnostiek

  • Uitvragen van de klachten en onderzoek van het oog is nodig om een onderscheid te kunnen maken tussen de verschillende soorten bindvliesontsteking.
  • De diagnose werkgebonden allergische conjunctivitis wordt in de eerste plaats gesteld op grond van het kenmerkende patroon van werkgerelateerde klachten: tijdens of na het werk klachten, afnemend op vrije dagen.
  • Onderzoek naar allergie (huidtesten, bloedonderzoek naar antistoffen).
  • Onderzoek naar de aanwezigheid van atopie.
  • Werkplekbeoordeling met speciale aandacht voor blootstellingsmogelijkheden aan mogelijke allergenen.

Vóórkomen

  • Er zijn jaarlijks slechts weinig meldingen van beroepsoogaandoeningen.
  • Werkgebonden allergische conjunctivitis kan zich vooral voordoen in sectoren en beroepen met blootstelling aan eiwitten van plantaardige of dierlijke oorsprong. Bekende voorbeelden zijn: bakkers, tuinders (paprikateelt), dierenverzorgers, wasmiddelindustrie (enzymen), gezondheidszorg, pluimveesector, genotsmiddelenindustrie (theestof, tabaksstof).
  • Werkgebonden allergische conjunctivitis in combinatie met contacteczeem kan zich voordoen in sectoren en bij beroepen waarin via de lucht blootstelling mogelijk is aan bijvoorbeeld conserveermiddelen (schilders: watergedragen verf), acrylaten (tandtechnische laboratoria) of epoxy-verbindingen of houtstof (bouwnijverheid).

Preventie

  • Blootstelling zo klein mogelijk maken door stofbestrijding (bestrijding aan de bron, technische aanpassingen, goede afzuiging, persoonlijke bescherming, goed onderhoud en schoonmaken).
  • Vroeg opsporen van klachten (vroegdiagnostiek) via periodiek onderzoek op klachten en allergieontwikkeling.

Meer informatie