Contacturticaria

Bron: Arboportaal

Ziektebeeld

  • Urticaria is de medische naam voor netelroos of galbulten, een vaak voorkomende reactie van de huid met uiteenlopende oorzaken. Bijna een kwart van de bevolking krijgt ergens in het leven galbulten. De aandoening komt op alle leeftijden voor, zowel bij mannen als bij vrouwen.
  • Bij galbulten is sprake van plotseling optredende, heftig jeukende uitslag van de huid, die begint met rode vlekjes en daarna in verdikte bleke plekken kan overgaan. De huidafwijkingen kunnen al of niet samenvloeien tot grotere vlakke plakkaten. Er is sprake van vochtophoping in de bovenste laag van de huid doordat de kleine haarvaatjes in de huid zich verwijden (de rode fase) waarna door lekkage het vocht in de weefsels terechtkomt (bleke fase). Zo’n plek noemen we een urtica of kwaddel en de aandoening in zijn geheel heet urticaria.
  • Het plotseling optreden van galbulten (acute vorm) is vervelend, maar meestal niet ernstig. Volledig herstel treedt op binnen enkele uren: de aanvankelijk jeukende plekken trekken dan geleidelijk weg.
  • Bij de acute vorm treden de galbulten spontaan op, op alle plaatsen van het lichaam en de hele dag door, vaak zonder aanwijsbare oorzaak of logica. Soms is sprake van aanvallen met perioden zonder klachten daartussen, maar het beeld kan ook chronisch worden en uitmonden in een kwelling.
  • Bij het ontstaan van galbulten speelt de stof histamine een belangrijke rol. Ons lichaam maakt zelf histamine aan en de stof verwijdt de bloedvaten en veroorzaakt jeuk.
  • Behalve histamine spelen ook andere lichaamseigen stoffen een rol bij het ontstaan van netelroos. Dergelijke stoffen liggen klaar in bepaalde cellen (mestcellen) en komen vrij bij het optreden van prikkels van uiteenlopende aard.
  • Galbulten kunnen ook - meestal binnen één uur - optreden na contact van de huid met een dierlijke of plantaardige stof of een chemische verbinding. We spreken dan van contacturticaria.  Voorbeeld zijn de huidafwijkingen na contact met brandnetels. De verschijnselen kunnen variëren van jeuk, een brandend, stekend gevoel met roodheid en urticaria tot soms kleine blaasjes.
  • Als roodheid en blaasjes niet verdwijnen en als er bijvoorbeeld dagelijks contact is met de veroorzakende stof, kan een chronische huidontsteking ontstaan die lijkt op eczeem. Een voorbeeld hiervan is contacteczeem veroorzaakt door contact met dierlijke eiwitten uit vlees vis etc. (protein contact dermatitis).

Oorzaak

  • Het opsporen van de oorzaak van galbulten is vaak moeizaam. In de meeste gevallen wordt geen oorzaak gevonden (bij chronische galbulten zelfs in 60-90% van de gevallen).
  • Over het hele lichaam voorkomende galbulten hebben zelden met het werk te maken.
  • Fysische oorzaken van galbulten zijn:
    • Wrijven of krabben: dit veroorzaakt bij “gevoeligen” een jeukende verhevenheid die na 30 minuten tot 3 uur weer vervaagt. Dit komt voor bij 5% van de bevolking.
    • Warmte (cholinergische urticaria): galbulten die ontstaan in situaties waarbij de zweetklieren gestimuleerd worden. De kleine, jeukende bultjes op een wisselend rode achtergrond ontstaan bij verhoging van de lichaamstemperatuur ten gevolge van inspanning, het verkeren in een warme omgeving, maar ook door sterk gekruid voedsel, koffie en stress of emoties. Hierbij kunnen ook andere verschijnselen zoals buikklachten, speekselvloed, hoofdpijn en onrust voorkomen.
    • Koude: de zwelling en de roodheid ontstaan op plaatsen die blootgesteld zijn aan koude voorwerpen, koud water of koude lucht. 
    • Water (aquagene urticaria): zeer zeldzaam.
    • Druk: drie tot twaalf uur na het uitoefenen van druk op de huid door kleding, stoelen, bezigheden, gereedschappen, ladders etc ontstaat ter plaatse een diep gelokaliseerde pijnlijke, brandende of jeukende zwelling die 8 tot 48 uur kan blijven bestaan. Doordat de afwijkingen pas na uren ontstaan, is niet altijd duidelijk dat druk de oorzaak is. Over de oorzaak is weinig bekend. 
    • Licht (photodermatosis urticaria): door blootstelling aan licht kan binnen enkele seconden tot minuten zwelling en roodheid ontstaan die tot 3 uur kan blijven bestaan. Verschillende golflengten kunnen dit fenomeen veroorzaken.
  • Contacturticaria ontstaan nooit spontaan, maar alleen als de uitlokkende stof wordt opgenomen door de huid of de slijmvliezen. In de meest milde vorm zijn er geen zichtbare afwijkingen en alleen subjectieve gevoelens als jeuk, tintelen of brandende sensaties: dit komt voor bij cosmetica, fruit en groenten.
  • In ernstige gevallen breiden de galbulten zich over het gehele lichaam uit (stadium 2), raken de slijmvliezen betrokken (stadium 3) met als gevolg zwellingen in de neus, de lippen, de ogen, de keel, astma en buikpijn en diarree. Uiteindelijk kan (anafylactische) shock optreden. Gevreesd is dit bij allergie voor latex of noten.
  • Er zijn galbulten die wel en die niet met het afweersysteem te maken hebben.
  • Is het afweersysteem erbij betrokken, dan is sprake van allergie. Dit treedt eerder op bij mensen met een aanleg voor atopie met een droge huid en/of hooikoorts en/of eczeem en/of astma. Ook factoren die de barrière van de huid verminderen, zoals nat werk kunnen een rol spelen.
  • Meestal is bij galbulten het afweersysteem niet betrokken, dus treden op bij het eerste contact met de stof en in principe bij iedereen. Dit geldt bijvoorbeeld voor kwallen, brandnetels, mieren en sommige groenten. Stoffen als kaneelaldehyde, benzoëzuur, natriumbenzoaat hebben een minder heftige werking en zullen niet bij iedereen na contact galbulten veroorzaken.
  • Eiwitcontact met de huid kan aanleiding geven tot twee soorten reacties: contacturticaria en contacteczeem (“protein contact dermatitis”). In het laatste geval zien we dikwijls een chronisch eczeem of telkens terugkerend eczeem, bijvoorbeeld “vingertop eczeem”. Soms zijn de galbulten alleen plaatselijk, soms over het gehele lichaam en ook de slijmvliezen kunnen meedoen. Dit speelt bijvoorbeeld bij bakkers, blootgesteld aan meel.
  • Eiwitten uit 4 groepen spelen een rol:
    • Fruit, groenten, specerijen, planten en houtsoorten. Voorbeelden: wortels, selderij, knoflook, vijgen, paddestoelen, noten etc. 
    • Dierlijke eiwitten: vruchtwater, bloed, hersenen, kakkerlak, melk, kaas, huidschilfers, eieren, vlees, speeksel, vis, schelpdieren, huid
    • Granen: meerdere soorten
    • Enzymen: alfa-amylase (brood), protease, etc

Diagnostiek

  • Voor de diagnose is het uitvragen van de klachten en verschijnselen het belangrijkste evenals de blootstelling en het beloop van de aandoening. De aard van beroep of hobby kan richting geven.
  • Voor het vaststellen van een allergie zijn priktesten door een dermatoloog noodzakelijk.
  • Het bepalen van antistoffen in bloed (specifiek IgE) is nuttig voor sommige, bekende eiwitten.

Vóórkomen

  • Een kwart van de bevolking krijgt op enig tijdstip last van urticaria.
  • Beroepsgebonden contacturticaria door contact met mieren, brandnetels, groenten of dieren komen zeer vaak voor en worden veelal niet gemeld.
  • Een van de meest bekende is de allergie (contacturticaria) voor latex, het natuurrubber afkomstig van de tropische rubberboom Hevea Brasiliensis. In de jaren negentig bleek 3-17% van de medewerkers in de gezondheidszorg in Europa overgevoelig geworden te zijn voor latex door het dragen van gepoederde latex handschoenen.
  • Risicoberoepen zijn kapster en onderhoudsmedewerker die handschoenen dragen.
  • Bakkers vormen een andere belangrijke groep, evenals dierenartsen, vroedvrouwen en andere professionals in de gezondheidszorg. Verder slagers, slachters, koks, tuinders, bloemisten etc.

Preventie

  • Mogelijke blootstellingsmogelijkheden aan stoffen waarvan bekend is dat ze een risico vormen voor contacturticaria moeten in kaart gebracht worden. Er bestaan uitgebreide tabellen met deze stoffen.
  • Zo mogelijk risico op blootstelling uitbannen. Geslaagde voorbeelden zijn de vervanging van de traditionele gepoederde latex handschoenen door alternatieve handschoenen en het verbod op bepaalde blondeermiddelen, haarverven en bestanddelen van.
  • In risicogroepen (bakkers, kapsters, operatiekamerpersoneel etc) is het opsporen van extra gevoelige werknemers (bijv. met eczeem of atopie) van belang, door onderzoek bij aanname en door periodiek Preventief Medisch Onderzoek (PMO) door de bedrijfsarts.
  • Verstrekken en gebruiken van persoonlijke beschermingsmiddelen ter voorkoming van direct huidcontact.
  • Bij eenmaal aangetoonde allergie moet ieder contact met de betreffende stof worden vermeden.
  • Vermijden van verergerende factoren zoals oververhitting, stress, alcohol en bepaalde medicijnen als aspirine en codeïne.

Meer informatie