Hepatitis A en E

Bron: Arboportaal

Ziektebeeld

  • Leverontsteking kan door een aantal virussen veroorzaakt worden, waaronder het hepatitis A en het hepatitis E (enteric) virus. Hepatitis E is minder bekend dan hepatitis A, maar komt wereldwijd veel voor, met name in de derde wereld. Vroeger werd Hepatitis E vaak aangeduid met non-A non-B hepatitis.
  • Hepatitis A en E zijn bij (jonge) kinderen minder ernstig en verlopen soms ongemerkt. Bij volwassenen is het beeld ernstiger: plotseling optreden van malaise (algemeen onwel voelen), griep, koorts, gebrek aan eetlust, misselijkheid en buikklachten. Na enkele dagen donker urine, geelzucht en ‘stopverf’ ontlasting. Soms ook jeuk.
  • Bij een kleine groep (minder dan 1,5% bij hepatitis A, 0,5 tot 4% bij hepatitis E) is sprake van een zeer ernstig beeld met epileptische aanvallen, bloedingen, coma en kans op overlijden. Hoe ouder men is, hoe groter de kans op een ernstig beeld. Bij mensen ouder dan 49 jaar overlijden 27 op de duizend zieken.
  • Hepatitis A duurt meestal niet langer dan 6 weken, maar bij volwassenen kan het tot drie maanden of langer duren.
  • Er is geen behandeling met medicijnen voor hepatitis A en E. De ziekte gaat vanzelf over. Wie zich ziek voelt, doet er goed aan een paar uur rust per dag te nemen.
  • Het is verstandig om tijdens de ziekte geen alcohol te gebruiken. Een dieet is niet nodig.
  • Bij zwangeren geven hepatitis A en E vaker (tot 20%) ernstige klachten.
  • Na de ziekte houden sommige mensen het virus bij zich zonder ziek te zijn (dragerschap).

Oorzaken en risicofactoren

  • Hepatitis A en E kan men overal oplopen, maar vooral reizigers naar ‘verre landen’ lopen risico. Overal waar de hygiëne en sanitaire voorzieningen te wensen over laten, bestaat een risico op hepatitis A en E infectie.
  • Besmetting met hepatitis A en E virus ontstaat door het eten en drinken van voedsel of water dat verontreinigd is met ontlasting en dus vrijwel altijd onder slechte hygiënische omstandigheden. Het virus kan ook worden overgebracht via wondjes in de huid en wanneer bloed-bloed contact optreedt zoals bij een bloedtransfusie of prikken aan een vuile naald.
  • Deze infecties treden zelden als beroepsziekte op. Als hepatitis A of E optreedt bij reizigers die in verband met hun werk in het buitenland vertoeven is wel (per definitie) sprake van een beroepsziekte.

Diagnostiek

  • De diagnose hepatitis A en E kan worden gesteld door het bloed te onderzoeken op antistoffen.

Voorkomen

  • In Nederland is ongeveer 10% van de (jong)volwassenen ooit besmet geweest met het hepatitis A virus. Jaarlijks zijn er tussen de 500 en 1000 gevallen van Hepatitis A.
  • Hepatitis E komt sporadisch voor in westerse landen. Het doet zich voor als importziekte, vooral uit India, Pakistan en Bangladesh. Hoewel de mens als voornaamste reservoir van virus lijkt te zijn, komen er steeds meer aanwijzingen dat ook varkens en zwijnen een rol spelen. Als dieren een mens besmetten spreken we van een zoönose.
  • Hepatitis A kan als beroepsziekte optreden bij personeel van kinderdagverblijven, lagere scholen, verzorgingsinstellingen, medewerkers van endoscopieafdelingen of kinderafdelingen in een ziekenhuis, reisleiders, reisadviseurs, reizigers (inclusief de medewerker die regelmatig voor het werk naar risicogebieden reist), uitgezonden militairen en hulpverleners, rioolwerkers, medewerkers in de waterzuivering, schoonmakers toiletten en in de seksindustrie.
  • Hepatitis E kan als beroepsziekte optreden in de reizigersbranche, veterinaire zorg, waterzuivering, defensie (buitenland), seksindustrie (vooral man/man contacten), internationale hulpverlening (bv bij rampen), wetenschappelijk onderzoek, laboratorium, luchtvaart.
  • Gevoelige groepen voor Hepatitis E zijn:
    • zwangeren
    • mannen (krijgen de ziekte eerder dan vrouwen)
    • personen met een chronisch actieve hepatitis B
    • personen met een chronische hepatitis C
    • personen met een andere chronische leverziekte (er is bij hen tevens een verlengd en ernstiger beloop en een hogere kans op overlijden)
    • gebruikers van afweer remmende middelen (immuunsuppressiva)
    • ouderen (hoe hoger de leeftijd hoe hoger de kans op overlijden)

Preventie

  • Het risico op infecties zoals hepatitis A en E moet opgenomen zijn in de wettelijk verplichte Risico-Inventarisatie en Evaluatie (RI&E). Als er sprake is van een verhoogd risico op hepatitis A, is de werkgever wettelijk verplicht vaccinatie aan te bieden.
  • Vaccinatie bij hepatitis A kan gegeven worden in combinatie met het vaccin tegen hepatitis B. In spoedsituaties kan ook preventief antistoffen (immuunglobuline) worden gegeven. Dit geldt niet voor hepatitis E, waarvoor geen vaccinatie, antistoffen of therapie bestaat.
  • Vermijd contact met bronnen van hepatitis A en E: ontlasting van mensen en varkens.
  • Alles waar ontlastingsresten aan/in kan zitten, levert een potentieel gevaar op. Preventie bestaat uit een strikte toepassing van hygiëne: handen wassen na toilet gebruik, sanitair goed schoonmaken.
  • Reizigers moeten geen ongekookt water, ongewassen fruit, ijsblokjes en schelpdieren eten of drinken.
  • Werknemers in de bovengenoemde risicoberoepen en risicosituaties moeten goede voorlichting krijgen over hepatitis A en E. Dat geldt vooral voor zwangere werkneemsters.

Meer informatie