Leukemie / Leucaemie

Bron: Arboportaal

Ziektebeeld

  • Leukemie is een verzamelnaam voor verschillende vormen van bloedkanker, of preciezer kanker van de witte bloedcellen (leukocyten) die in het beenmerg worden aangemaakt.
  • Bij leukemie is er sprake van ongecontroleerde vermenigvuldiging van de cellen waaruit zich verschillende soorten witte bloedcellen ontwikkelen. Omdat deze woekerende cellen zoveel plaats in het beenmerg gaan innemen, kan het beenmerg geen normale bloedcellen meer produceren.
  • Bij alle typen leukemie kan hierdoor een tekort ontstaan aan rode bloedcellen (de oorzaak van bloedarmoede), aan bloedplaatjes (waardoor wondjes langer doorbloeden en gauw blauwe plekken ontstaan) en aan volwassen witte bloedcellen (waardoor de natuurlijke weerstand tegen infecties afneemt).
  • Er kunnen verschillende soorten leukemie worden onderscheiden: plotseling optredende (acute) leukemie en sluipende optredende (chronische) leukemie. De verschillende soorten leukemie kunnen ook worden onderscheiden aan het woekerende beenmergceltype (lymfatisch of myeloïde).
  • De vier meest voorkomende zijn: Acute Lymfatische Leukemie (ALL), Acute Myeloïde Leukemie (AML), chronische lymfatische leukemie en chronische myeloïde leukemie.
  • Bij volwassenen komt vooral acute en chronische myeloïde leukemie voor, terwijl bij kinderen en jonge volwassenen acute lymfatische leukemie het meest voorkomt.
  • Leukemie wordt behandeld met chemotherapie en bestraling, eventueel gecombineerd met beenmergtransplantatie of stamceltransplantatie. Daarmee kan in een betrekkelijk hoog percentage van de gevallen genezing optreden of kan de ziekte jaren worden vertraagd.

Oorzaken

  • Er is veel onderzoek gedaan naar de oorzaken van leukemie. In een klein deel van de gevallen kan de oorzaak worden aangewezen in de omgeving, in erfelijk verhoogde gevoeligheid of in het werk. Meestal wordt echter geen oorzaak gevonden. Mogelijk speelt een nog niet geïdentificeerd virus of een andere biologische factor een rol bij het ontstaan van leukemie.
  • Risicofactoren zijn tabaksrook, infecties (virussen), benzeen, blootstelling aan kankerremmende middelen (cytostatica) en straling. Acute myeloïde leukemie kan optreden door blootstelling aan benzeen, bepaalde kankerremmende middelen (cytostatica) en röntgenstraling.
  • Bij hoge blootstelling aan benzeen, zoals vroeger onder andere voorkwam in de schoen- en rubberindustrie, komt duidelijk meer acute myeloïde leukemie voor. Andere oplosmiddelen dan benzeen zijn geen oorzaak van leukemie.
  • Ook bij blootstelling aan andere chemische stoffen op de werkplek is een verhoogd risico op leukemie beschreven, zoals ethyleenoxide en dieseluitlaatgassen.
  • Bepaalde beroepen hebben een hoger risico op leukemie, zoals kapper, werkers in chemische wasserijen, boeren en mijnwerkers.
  • Leukemie kan ook veroorzaakt worden door straling (radioactieve straling, röntgenstraling).
  • Bij benzeenwerkers en werkers met radioactieve of röntgenstraling kan leukemie als beroepskanker worden beschouwd. In andere gevallen is het verband tussen leukemie en werk minder duidelijk.

Diagnostiek

  • Bloedonderzoek en onderzoek van weefselmateriaal (biopsie, beenmergpunctie) en beeldvormend onderzoek.
  • Bij het voorkomen van een aantal verdachte kankergevallen in één bedrijf of bedrijfstak of meerdere gevallen bij een grote groep blootgestelden (cluster), moet epidemiologisch (cluster)onderzoek overwogen worden. Het NCvB kan hierin ondersteuning bieden; zonodig wordt een multidisiplinaire task force met specifieke deskundigen ingezet.
  • Bedrijfsartsen moeten ‘waarschijnlijke’ gevallen van leukemie door blootstelling in het werk melden aan het NCvB.

Vóórkomen

  • Per jaar wordt in Nederland bij ongeveer 1600 mensen leukemie vastgesteld.
  • Leukemie door oorzaken in het werk is zeldzaam.
  • Vroeger werd leukemie gezien bij röntgenologen, benzeenwerkers en bij uraniummijnwerkers.

Preventie

  • Om leukemie door werkoorzaken te voorkomen is het belangrijk blootstelling aan benzeen en kankerremmende middelen (cytostatica) te vermijden, zoals bijvoorbeeld omschreven in de VASt-projecten.
  • Stralingshygiëne; het ‘Besluit stralingsbescherming’ bevat maatregelen om werknemers en burgers te beschermen tegen de gevaren van ioniserende straling. Het stelt normen en reguleert de meldings- en vergunningplicht voor het werken met (radioactieve) bronnen waarbij straling vrijkomt.

Meer informatie