Stoflongen door kwartsstof en andere pneumoconiosen

Bron: Arboportaal

Ziektebeeld

  • Pneumoconiose of stoflong is een longaandoening veroorzaakt door het inademen van mineraal stof. Voorbeelden zijn silicose, anthracosilicose (mijnwerkerslong), asbestose en talcose.
  • Bij deze groep van longaandoeningen wordt het longweefsel zelf aangetast (interstitiële longaandoeningen). Daarbij worden locale ontstekingshaardjes gevormd (granulomen en noduli) en treedt bindweefselvorming (longfibrose) op.
  • Kwartsstof (kristallijn silica) is de belangrijkste oorzaak voor het ontstaan van een stoflong, die in dat geval silicose wordt genoemd. Kwartsstof is heel fijn stof dat niet of nauwelijks met het blote oog te zien is. Het bestaat uit hele kleine onoplosbare stofdeeltjes die diep in de longen terechtkomen.
  • Chronische silicose ontstaat door het over lange periodes (20 jaar of meer) inademen van geringe hoeveelheden kwartsstof. Aanvankelijk zien de littekens in het longweefsel er uit als kleine ronde bolletjes (nodulaire silicose) die uiteindelijk samenvloeien tot grote massa's (silicoseconglomeraat).
  • In deze gebieden met littekenweefsel kunnen de longen de zuurstof uit de lucht niet meer normaal in het bloed opnemen. De longen worden minder elastisch en de ademhaling vraagt meer inspanning.
  • Kenmerkend voor stoflongen zijn langer bestaand (chronisch) hoesten en extreme kortademigheid (vooral in combinatie met longfibrose). Deze kortademigheid is er in het begin alleen tijdens inspanning maar later ook in rust.
  • Naast deze sluipend ontstane stoflongen bestaat ook een versnelde vorm (5-15 jaar) en een plotseling optredende (acute) vorm.
  • In het beginstadium (nodulaire silicose) heeft men nog geen problemen met ademhalen, maar omdat de grote luchtwegen geïrriteerd zijn (bronchitis), wel van hoesten en het opgeven van sputum.
  • Stoflongen kunnen niet worden genezen. De afwijkingen in de longen kunnen nog verslechteren gedurende twee tot vijf jaar nadat met werken (met blootstelling aan kwartsstof) is gestopt.
  • Wanneer men in een vroeg stadium van de ziekte niet meer wordt blootgesteld aan kwartsstof, bestaat de kans dat de stoflongen zich niet verder uitbreiden.
  • Het inademen van kwarts en andere vormen van fijn mineraal stof  geeft ook een verhoogde kans op de ontwikkeling van chronische luchtwegvernauwing (COPD).
  • Door de longbeschadiging moet ook het hart extra inspanning leveren, met mogelijk hartfalen als gevolg.
  • Mensen met stoflongen hebben een verhoogde kans op tuberculose en longkanker (kwarts is kankerverwekkend).
  • Talcose is een stoflong die ontstaat door inademing van talk dat is verontreinigd met asbest of kwarts. Longafwijkingen als gevolg van blootstelling aan pure talk zijn zeldzaam.

Oorzaken

  • Silicose wordt veroorzaakt door langdurige inademing van zeer kleine kwartsdeeltjes.
  • Kwarts is een van nature aanwezige stof in zand en natuursteensoorten; zand is een belangrijke grondstof bij de productie van steenachtige bouwmaterialen zoals beton, baksteen en cement. Blootstelling aan kwartsstof vindt dus plaats via blootstelling aan steen- en cementstof en in Nederland dus vooral in de bouw.
  • De termen ‘kwarts’ en ‘kwartsstof’ zijn algemeen ingeburgerd en worden vaak gebruikt als synoniemen voor de meer algemene term ‘kristallijn silica’. Silica (zand) bestaat uit silicium dioxide (SiO2) en komt voor in twee vormen: amorf en kristallijn.
  • Het kwartsgehalte verschilt per soort (natuur)steen of samengesteld bouwmateriaal. Men noemt materiaal kwartshoudend als het voor meer dan 1,5% uit kwarts bestaat. Voorbeelden van materialen met een hoog kwartsgehalte zijn zandsteen (50-90%), kalkzandsteen (30-83%), cellenbeton (12-44%) en betonsteen (23-40%). Hoe hoger het kwartsgehalte van het materiaal, hoe hoger de concentratie kwartsstof die bij bewerking vrijkomt.
  • Bij het bewerken van kwartshoudend materiaal zoals zagen, frezen, doorslijpen komt kwartsstof vrij. Vooral bij het werken in slecht geventileerde binnenruimten kan de concentratie kwartsstof hoog oplopen.
  • Naast het kwartsgehalte en de bewerkingsmethode hebben de samenstelling en de aard van het materiaal invloed op het vrijkomen van kwartsstof (bij het mechanisch bewerken van harde materialen komt bijvoorbeeld meer stof vrij dan bij het bewerken van zachte materialen).
  • Bijna iedereen in de bouw heeft te maken met stof. Niet alleen diegenen die zelf met kwartshoudend materiaal werken, maar ook werknemers in de directe omgeving kunnen worden blootgesteld aan kwartsstof. Bouwplaatsmedewerkers die werkzaamheden verrichten waarbij blootstelling aan kwartsstof optreedt boven de wettelijke grenswaarde (0,075 mg/m³) zijn de belangrijkste risicogroep voor stoflongen. Het gaat onder meer om werkzaamheden zoals asfalt frezen, slijpen, boren, boucharderen, het mengen van droge mortels en diverse sloopwerkzaamheden.
  • Risicoberoepen zijn asfaltfrezer, blokkensteller ruwbouw, koppensneller, sloper, terrazzowerker, natuursteenbewerker, vloerenlegger en wand- en plafondmonteur.
  • Blootstelling aan kwartsstof komt buiten de bouw ook voor in ander sectoren. Belangrijke risicogroepen zijn de metaalindustrie (primaire industrie en gieterijen), in de glas-, aardewerk- en bouwmaterialenindustrie en in de natuursteensector. De blootstelling aan kwarts kan in deze beroepen 3 keer hoger liggen dan in de bouw, namelijk 0,3 mg/m3 tegenover 0,1 mg/m3 voor metselaars, tegelzetters en dergelijke.
  • Belangrijk voor het niveau van blootstelling is het materiaal waarmee gewerkt wordt. Dit is meer bepalend voor het niveau van blootstelling dan het specifieke beroep.
  • Maximaal aanvaarde concentratie (MAC) waarden in Nederland zijn:
    • Inhaleerbaar stof: 10 mg/m3

    • Respirabel stof: 5 mg/m3
    • Asbestvrije talk: 2 mg/m³
    • Respirabel kwarts: 0,075 mg/m3. 
  • Om te weten of bij de werkzaamheden in het bedrijf de MAC-waarde van kwartsstof wordt overschreden, kunnen werkgevers een meting laten uitvoeren door hun arbodienst of door een daarin gespecialiseerd adviesbureau. Onderstaande tabel van Arbouw geeft enig houvast bij het schatten van het risico.

Tabel:
Voorbeelden van hoeveel keer de MAC-waarde vrijkomt bij bepaalde bewerkingen van steenachtig materiaal.

Activiteit Kwartsstof in de lucht (mg/m3) Aantal malen de MAC-waarde van 0,075 mg/m3
Zagen Tot circa 15 200 keer
Frezen (sleuven) Tot circa 15 200 keer
Frezen (vlakken) Tot circa 15 200 keer
Boren Tot circa 2,5 33 keer
Schuren/slijpen van vlakken Tot circa 15 200 keer
Vegen Tot circa 1 13 keer

 

Diagnostiek

  • Voor het stellen van de diagnose stoflong (silicose) is het laten maken van röntgenfoto’s en scans van belang.
  • De ernst van de silicose wordt bepaald door de afwijkingen in de longfunctie.
  • Bij het onderzoek naar stoflongen zijn verder van belang de taakanalyse, werkplekbeoordeling en inzicht in de historische blootstelling aan de hand van de het uitvragen van het arbeidsverleden en het inzien van meetgegevens (indien aanwezig).
  • De bedrijfsarts kan vaststellen of de ziekten door silicaten door het werk veroorzaakt wordt. Daarvoor heeft het Nederlands Centrum voor Beroepsziekten (NCvB) registratierichtlijn G008 Pneumoconiosen door silicaten opgesteld.

Vóórkomen

  • Het aantal meldingen van stoflongen (silicose) aan het NCvB is gering. In een onderzoek dat een aantal jaren geleden is uitgevoerd bij Nederlandse bouwvakkers met potentiële blootstelling aan kwarts, werd bij ongeveer 3% van hen röntgenologisch tekenen van stoflongen gevonden.
  • Het absolute risico op silicose bij blootstelling gedurende 40 jaar aan 0,1 mg/m3 kristallijn silica wordt geschat op meer dan 40%. Bij deze berekening zijn ook de lichtere gevallen van silicose meegenomen die niet of nauwelijks gepaard gaan met klachten en alleen op de röntgenfoto zijn waar te nemen.

Preventie

  • De risico’s van kwartsstof in de bouw en afbouw kunnen op meerdere manieren beperkt worden: door technische beheersmaatregelen, organisatorische beheersmaatregelen en persoonlijke beschermingsmiddelen.
  • De technische maatregelen (afzuiging en watertoevoer) zijn verder ontwikkeld. In totaal zijn veertig apparaten bewerkt. Deze apparaten zijn van belang voor twintig beroepsgroepen. De aangepaste apparaten worden gebruikt bij werkzaamheden waarbij de hoogste blootstellingen aan kwarts voorkomen, zonder de toepassing van beheersmaatregelen. Dat is bij de helft van alle bewerkingen in de bouw, waarbij kwarts vrijkomt. Voor bewerkingen met een lage kwartsemissie was al gereedschap met afdoende technische voorzieningen beschikbaar.
  • In Nederland zijn in twee Arboconvenanten specifieke afspraken zijn gemaakt over de aanpak van kwartsstof in de bouw. Zo is met ingang van 1 januari 2001 in de bouw een beleidsregel van kracht geworden die technische maatregelen eist bij risicovolle mechanische bewerkingen (zoals boren, zagen en schuren) van kwartshoudende materialen (beleidsregel 4.18-4 “Doeltreffende beheersing van blootstelling aan kristallijn, respirabel kwarts in de bouw”).
  • Deze hebben geleid tot de ontwikkeling van (technische) beheersmaatregelen, die echter nog niet overal zijn ingevoerd. Sommige maatregelen, zoals het nat maken van producten of het gebruik van locale ventilatie kunnen wel zorgen voor een lagere blootstelling tijdens specifieke werkzaamheden, maar dragen weinig bij aan afname van de daggemiddelde blootstelling. Daarom is niet te verwachten dat de blootstelling aan kwartsstof in de bouw al noemenswaardig is afgenomen. Bij de afloop van het Arboconvenant Bouw waren voor 90% van de werkzaamheden adequate technieken voor het beheersen van kwartsstof beschikbaar.

Meer informatie