Tetanus

Bron: Arboportaal

Ziektebeeld

  • Tetanus is een plotseling optredende (acute) infectieziekte veroorzaakt door de bacterie Clostridium tetani. De ernstige ziekteverschijnselen ontstaan door een voor het zenuwstelsel giftige stof die door de bacterie wordt gemaakt (exotoxine).
  • De periode tussen de verwonding en het optreden van ziekteverschijnselen kan bij tetanus variëren van één dag tot enkele maanden, maar ligt meestal rond twee weken.
  • De ernst van de ziekteverschijnselen is afhankelijk van de beschadiging van weefsel door de wond en van de hoeveelheid bacteriën die erin terechtkomen. Hoe meer beschadiging en hoe meer bacteriën, hoe ernstiger de uiteindelijke ziekte.
  • Tetanus begint vaak met hoofdpijn en spierstijfheid in de kaken. In de meeste gevallen treedt stijfheid van de aangezichtspieren op als eerste verschijnsel. Daarna gaat de spierstijfheid over in spierkrampen.
  • Binnen drie dagen kunnen overal in het lichaam spierkrampen (spasmen) ontstaan: een “grijns” door kramp in de gelaatspieren en een sterk achterovergebogen lichaamshouding. In een later stadium kunnen armen en benen meedoen en ontstaat een ziektebeeld met spierkrampen over het gehele lichaam (tetanie).
  • Aantasting van de keel en ademhalingsspieren geeft problemen met de ademhaling waardoor uiteindelijk hersenbeschadiging optreedt waaraan de patiënt kan overlijden.
  • De complicaties bepalen in belangrijke mate het beloop. Verlamming van de ademspieren of longontsteking zijn de meest algemene en meest gevaarlijke complicaties. Maar ook schade aan het zenuwstelsel, hart en bloedvaten kan problemen geven. Door de spierkrampen kunnen ook breuken in de wervels ontstaan.
  • Als tetanus niet wordt behandeld kan de sterfte oplopen tot 70%, afhankelijk van leeftijd, ernst van het ziektebeeld en de beschikbaarheid van intensive care zorg.
  • Hoe ouder, hoe meer kans op overlijden: 20-39 jaar 2,3%, 40-59 jaar 16% en boven de 60 meer dan 18%.
  • Bij patiënten die dit stadium overleven treedt volledig herstel op in 4 tot 6 weken.

Oorzaken

  • Tetanus wordt veroorzaakt door de bacterie Clostridium tetani. Dit is een bacterie die weinig zuurstof nodig heeft en sporen vormt. Deze bacterie scheidt een giftige stof (toxine) af die alle verschijnselen veroorzaakt.
  • De sporen hebben een grote weerstand tegen uitdroging en verhitting en komen wijdverbreid voor in mest, grond en straatvuil. De voornaamste infectiebronnen zijn dan ook grond en mest.
  • Omdat de bacterie met weinig zuurstof toe kan en toxine maakt is hij vooral gevaarlijk bij diep in het lichaam doordringende verwondingen (denk aan spijkers, draad e.d.).
  • Bij mensen die niet tegen tetanus zijn ingeënt vormt een diepe, verontreinigde wond een hoog risico bij ongevaccineerden.

Diagnostiek

  • De diagnose tetanus wordt gesteld op basis van de ziekteverschijnselen als algemene spierstijfheid, versterkte reflexen, kaakkramp en de karakteristieke krampen (spasmen).
  • Meestal is sprake van een voorafgaande verwonding.
  • Altijd moet gevraagd worden of en wanneer de patiënt tegen tetanus is ingeënt.
  • Laboratoriumonderzoek is minder belangrijk.
  • Soms kan de bacterie uit de wond worden bepaald. 

Vóórkomen

  • Tetanus komt wereldwijd voor. De meeste gevallen treden op bij pasgeborenen die kort na de geboorte worden besmet door onvoldoende hygiëne bij het doorknippen van de navelstreng.
  • De meeste andere gevallen ontstaan door - meestal buitenshuis opgelopen - verwondingen.
  • In Nederland is het aantal tetanusgevallen flink gedaald sinds het opnemen van de tetanusvaccinatie in het Rijksvaccinatieprogramma (eind jaren veertig).
  • In de periode 1979 tot en met 1991 zijn in Nederland in totaal 45 gevallen van tetanus gemeld. Een groot deel van de patiënten was nooit tegen tetanus ingeënt.
  • Tetanus kan in het werk worden opgelopen. Het grootste risico lopen personen in beroepen met een risico op diepe verontreinigde verwondingen, zoals beroepen in de agrarische sector, bosbouw, bouw, vleesindustrie, afvalwerkers, dierenartsen, dierenverzorgers, rioolwerkers en militairen.
  • Andere risicogroepen zijn mensen met elders opgelopen diepe, uitgebreide en/of verontreinigde wonden (vooral tweedegraads en derdegraads brandwonden) en intraveneuze drugsgebruikers.

Preventie

  • Inenting (vaccinatie): tetanusvaccinatie is opgenomen in het RijksVaccinatieProgramma.
  • De vaccinatie moet om de 10 tot 15 jaar herhaald worden en ook bij ernstige verwondingen wordt meestal direct opnieuw ingeënt.
  • Aangezien de vaccinatie zeer weinig bijwerkingen heeft en goedkoop is, en de ziekte zeer ernstig kan zijn, kiest men nog steeds voor een regelmatige hervaccinatie. Iedere buitenwerker en bijvoorbeeld dierwerker moet voldoende gevaccineerd zijn.

Meer informatie