Arbo Expert Groep Longaandoeningen opgericht

Dit voorjaar is bij het NCvB de Arbo Expert Groep Longaandoeningen (AEGL) opgericht. Zij bestaat uit twee arbeidsgeneeskundige centra, te weten het Nederlands Kenniscentrum Arbeid en Longaandoeningen (NKAL) en de Polikliniek Mens en Arbeid (PMA). In 2013 was beroepsgerelateerde allergische rhinitis de meest gemelde longaandoening.

De AEGL is in de plaats gekomen van het Peilstation Arbeidsgebonden Longaandoeningen (PAL) waar meldingen van longartsen werden geregistreerd, geanalyseerd en gerapporteerd. Rapportage over de door de AEGL gemelde beroepsgebonden longaandoeningen zal net zoals bij PAL plaatsvinden in de jaarlijkse rapportage Beroepsziekten in Cijfers (of Kerncijfers) voor het Ministerie van SZW.

Bij PAL kwamen in 2013 in totaal 65 meldingen binnen, tegenover 105 in 2012, zie bovenstaande tabel. De schommelingen door de jaren heen hebben te maken met het feit dat de meeste meldingen uit de actieve opsporingsprogramma’s komen en daarvan wisselt de patiëntenstroom per jaar. Een minderheid van de meldingen vertegenwoordigt individuele casuïstiek.

Beroepsgerelateerde allergische rhinitis, dat een voorloper kan zijn van beroepsgebonden allergisch astma, werd het meeste gemeld. De meeste meldingen komen uit het actieve opsporingsprogramma van het “gezondheidsbewakingssysteem van allergische long- en luchtwegaandoeningen binnen de bakkerssector” dat eind 2010 van start is gegaan, zie www.blijmetstofvrij.nl. Inmiddels wordt het programma beheerd door het Nederlands Bakkerijcentrum www.nbc.nl. Het medisch onderzoek wordt uitgevoerd bij de Bakkerspoli van het NKAL.
Van de interstitiële longaandoeningen zijn 18 meldingen gedaan, hetgeen in lijn is met de meldingen uit eerdere jaren waarop 2012 een uitzondering was. In de bouwnijverheid is in 2007 gestart met de actieve opsporing van silicose (“stoflongen”) nadat uit eerdere onderzoeken was gebleken dat er in deze sector duidelijk rekening moet worden gehouden met het optreden van deze beroepslongaandoening. Aangezien er geen therapie voor silicose bestaat, is het van belang deze aandoening vroeg op te sporen om verdere expositie en daarmee progressie van de aandoening te voorkomen. Met behulp van een diagnostisch model kan de waarschijnlijkheid van de aanwezigheid van de aandoening worden geschat (Suarthana et al. 2007). Vervolgens worden werknemers met een hoog risico voor nader medisch onderzoek verwezen naar het NKAL in samenwerking met het Universitair Medisch Centrum Utrecht. Het NKAL-onderzoek bestaat onder andere uit een low dose high resolution CT-scan (HRCT) en longfunctieonderzoek. Dit actieve opsporingsprogramma in de bouw heeft een continu karakter.

Suarthana E, Moons KG, Heederik D, Meijer E. A simple diagnostic model for ruling out pneumonconiosis among construction workers. Occup Environ Med 2007;64(9):595-601

Gerda de Groene