Bijna zeshonderd COVID-19 meldingen in drie maanden

Sinds 1 april 2020 kan COVID-19 worden gemeld als beroepsziekte bij het NCvB met CAS-code R605. Van 1 april tot 1 juli 2020 zijn er 593 meldingen van COVID-19 gedaan door 97 bedrijfsartsen. Veruit de meeste meldingen kwamen uit verpleeg- en verzorgingstehuizen (498; 84%) – met de meeste meldingen vanuit verpleeghuizen (413 van de 498 meldingen). Er kwamen 68 meldingen uit ziekenhuizen (12%).

Van de meldingen binnen de verpleeg- en verzorgingstehuizen en zorginstellingen is bij 445 meldingen aangegeven dat er contact is geweest met besmette patiënten en/of collega’s. Hiervan is bij 356 meldingen vermeld dat er sprake was geweest van onbeschermd contact en bij 14 meldingen dat er wel beschermingsmiddelen zijn gebruikt. Bij de overige meldingen is het onbekend of er wel of geen beschermingsmiddelen zijn gebruikt of is de bron niet genoemd (zie tabel 1).

Tabel 1.

 

Contact met een COVID-19 cliënt

Contact onbekend

Totaal

 

 

 

Onbeschermd

Beschermd

Onbekend

 

 

Verpleeg- en verzorgingstehuizen

356 (71%)

14 (3%)

75 (15%)

53 (11%)

498

Ziekenhuizen

50 (74%)

4 (6%)

14 (21%)

-

68

 

 

 

 

 

 

Divers

17 (63%)

-

3 (11%)

7 (26%)

27

Vanuit de ziekenhuizen was er bij vijftig meldingen sprake van onbeschermd contact en bij vier meldingen van beschermd contact. Bij de resterende meldingen werd niet genoemd of er beschermingsmiddelen zijn gebruikt. Naast de meldingen uit de verpleeg- en verzorgingstehuizen en ziekenhuizen kwamen er onder andere vier meldingen van ambulancepersoneel en ook vier meldingen van huisartsenposten. Tevens kwamen er onder andere drie meldingen vanuit Defensie en drie van medewerkers van garages, twee meldingen van medewerkers van een broodfabriek en twee meldingen van COVID-19 bij beveiligers.

De (geschatte) duur van de arbeidsongeschiktheid was voor 13% van de meldingen 7-13 dagen, voor 9% 14-21 dagen, voor 15% 21 dagen tot een maand, voor 40% 1 tot 3 maanden en voor 11% 3 tot 6 maanden. Bij negen (2%) meldingen was er geen sprake van arbeidsongeschiktheid of een tijdelijke arbeidsongeschiktheid van minder dan zeven dagen. Van 10% van de meldingen was de duur van de arbeidsongeschiktheid onbekend of niet gespecificeerd. Zie tabel 2 voor geschatte duur arbeidsongeschiktheid en leeftijd.

Tabel 2. Duur van het verzuim door COVID-19 naar leeftijd

Leeftijd

<21

21-30

31-40

41-50

51-55

56-60

61-65

66-70

Categorie

n

%

n

%

n

%

n

%

n

%

n

%

n

%

n

%

Niet arbeidsongeschikt

0

 

2

2

1

1

1

1

1

1

0

 

0

 

0

 

Ernst onbekend

0

 

1

1

1

1

2

1

0

 

2

2

1

1

0

 

Verzuim niet gespecificeerd

2

20

9

11

9

10

18

12

10

11

5

5

3

4

1

17

Verzuim 0-3 d

0

 

2

2

0

 

0

 

0

 

0

 

0

 

0

 

Verzuim 4-6 d

0

 

1

1

2

2

0

 

0

 

0

 

0

 

0

 

Verzuim 7-13 d

1

10

19

23

16

18

13

9

10

11

7

7

13

19

0

 

Verzuim 14-20 d

2

20

13

15

8

9

12

8

3

3

9

9

4

6

0

 

Verzuim 21 d - 1 mnd

2

20

15

18

17

20

23

16

8

9

16

16

4

6

1

17

Verzuim 1-3 mnd

3

30

22

26

26

30

60

41

47

51

48

47

29

43

2

33

Verzuim 3-6 mnd

0

 

0

 

7

8

18

12

12

13

14

14

11

16

2

33

Verzuim meer dan 6 mnd

0

 

0

 

0

 

1

1

2

2

1

1

3

4

0

 

Totaal

10

100

84

100

87

100

148

100

93

100

102

100

68

100

6

100

Met name in de zorg is een groot deel van de COVID-19 beroepsziekten te wijten aan onbeschermd contact met een COVID-19 patiënt of cliënt. Omdat dit alleen de tellers betreft en de noemers ontbreken, moet terughoudendheid worden betracht bij de interpretatie van deze cijfers.  Met name in het begin van de pandemie was er nog veel onduidelijkheid over de epidemiologie en wijze van transmissie. Langzamerhand is hierover nu meer bekend en zijn de hygiëne-protocollen aangescherpt. Waakzaamheid blijft echter geboden en een beroepsziekten registratie blijft van onverminderd belang.