Betere handverzorging leidt tot minder eczeem zorgverleners

Handeczeem is een veel voorkomend probleem onder zorgverleners die dagelijks worden blootgesteld aan ‘nat werk’.  Zij hebben veel baat bij een betere handverzorging (met handcrème). Dit kan voorkomen dat mild eczeem overgaat in duidelijk eczeem. Dit blijkt uit onderzoek waarop Maryam Soltanipoor op 27 juni promoveerde.

De huid van zorgverleners wordt dagelijks blootgesteld aan ‘nat werk’. Frequente en cumulatieve blootstelling aan irritatieve stoffen zoals zepen, water en oplosmiddelen kunnen resulteren in irritatief contact eczeem (CE) en vooral in handeczeem (HE).

Het doel van dit onderzoek was een strategie te ontwikkelen om handverzorging onder zorgverleners te bevorderen. Het proefschrift bestaat uit twee delen: een interventiestudie bij werkers in de gezondheidszorg en een experimenteel deel waarin de effecten van irriterende stoffen op de huid zijn onderzocht.

In de interventiestudie komen drie vragen aan de orde, waarvan de resultaten als volgt kunnen worden samengevat:

  1. Een preventieprogramma gericht op het monitoren van het gebruik van handcrème, gecombineerd met feedback, bleek effectief in het verbeteren van de ernst van handeczeem. Dit gold voornamelijk in een subgroep van zorgverleners met een mild eczeem. De resultaten van een nadere analyse suggereren dat de interventie mogelijk effectief is bij het voorkomen van de progressie van vroege schade naar een duidelijk eczeem. 
  2. Verbetert het preventieprogramma de hoeveelheid ‘natural moisturizing factors’ (NMF)? NMF zijn belangrijk voor de hydratatie van de huid en worden gebruikt als biomarker van de irriterende werking van stoffen op de huid. NMF bleken in deze studie geen geschikte biomarker: bij verbetering van de klinische symptomen daalden de NMF-waarden, terwijl het tegenovergestelde was verwacht.
  3. Leidt een nieuwe technologie van elektronisch monitoren gecombineerd met feedback tot verbeterde handverzorging onder zorgverleners? Elektronisch monitoren van gebruik van handcrème gecombineerd met feedback lijkt een effectieve strategie om handverzorging onder zorgverleners te verbeteren. De feedback door middel van posters droeg ook bij aan het positieve effect. De elektronisch verzamelde data wijzen uit dat de dispensers vooral gebruikt worden in de overleg- en overdrachtsruimten rond 10 uur (pauze), 12 uur (lunch)  en 15 uur (dienstwissel) en minder aan het bed van de patiënt.

In het experimentele deel van het onderzoek werd gevonden dat het type schade aan de huidbarrière en de inflammatoire respons stof-specifiek zijn. Dit betekent dat verschillende parameters moeten worden meegenomen om een goed beeld te kunnen vormen en gerichte preventie te ontwikkelen.
Verder werd onderzocht wat het effect is van n-propanol, een stof die vaak gebruikt wordt in handalcohol. Zelfs de laagste concentratie van deze stof bleek een sterk negatief effect te hebben op de huidbarrière. Het effect werd versterkt door occlusie en is het meest ernstig bij proefpersonen met atopisch eczeem.

Op 27 juni 2019 promoveerde Maryam Soltanipoor op een proefschrift getiteld “Irritant Contact Dermatitis. A strategy for prevention in Dutch health care workers” bij prof. dr. Thomas Rustemeyer en de inmiddels overleden prof. dr. J.K. (Judith) Sluiter. Haar co-promotor was dr. Sanja Kežić