Lezersonderzoek: jaarrapportages NCvB gewaardeerd

Een dikke 7,5. Dat rapportcijfer krijgt het NCvB in een onlangs gehouden lezersonderzoek naar de jaarrapportage die afwisselend in gedrukte en digitale vorm, naar geïnteresseerden wordt gestuurd. Het uitgebreidere, gedrukte “Beroepsziekte in Cijfers” scoort een 7,7, de digitale versie “Kerncijfers Beroepsziekten” een 7,6.

Veel waardering is er voor de diepgang, de keuze van onderwerpen, de bruikbaarheid voor de praktijk en de actualiteit. Het lezersonderzoek dat is verzonden aan ruim 1.500 bedrijfsartsen en andere betrokkenen kent een respons van iets meer dan 16 procent. Het biedt inzicht in de interessegebieden per aandoening en maakt duidelijk waar respondenten de rapportages voor gebruiken.

Waardering
De overgrote meerderheid van de 243 respondenten vindt dat de rapportages voldoende diepgang hebben (72%), aansluiten op de eigen interesses (80%), bruikbare informatie bevatten voor de praktijk (77%) en nieuwe informatie bevatten (71%). Nog eens een grote groep reageert met ‘neutraal’ op de voorgelegde stellingen. Minder dan 10% van respondenten herkent zich niet in de voorgelegde stellingen: 4% mist diepgang, voor 5% sluit de inhoud niet aan op de interesses, 7% is het er niet mee eens dat de rapportages bruikbare informatie voor de praktijk bevatten en 6% onderschrijft de stelling dat er nieuwe informatie in staat niet of nauwelijks.

Interesses
Het jaaroverzicht bevat naast algemene informatie over trends in beroepsziekten aparte hoofdstukken per aandoening. De interesse per hoofdstuk varieert sterk per deelnemer aan het lezersonderzoek. Voor veel voorkomende aandoeningen onder de gehele beroepsbevolking bestaat vrij brede interesse. Voor sommige andere aandoeningen bestaat duidelijk een meer specifieke doelgroep. Zo geeft bijna tachtig procent van de respondenten de interesse in psychische aandoeningen een 8 of hoger (op een schaal van 10) en oordeelt slechts 5%  met een 5 of lager. Gevraagd naar de interesse in slechthorendheid geven veel meer respondenten, bijna 20%, een score van 5 of lager. Die variatie lijkt te verklaren vanuit de populatie waarvoor de respondenten werkzaam zijn. Zo schrijft een respondent in de toelichting: ‘slechthorendheid komt in mijn huidige groep werknemers nauwelijks voor’.

Toepassing
Meer dan de helft van de respondenten (57%) geeft aan de rapportages te gebruiken voor de advisering aan de werkgever.  Ook spreekuurcontacten, preventief advies, risico-inventarisatie en – evaluatie en preventief onderzoek worden vaak genoemd (zie tabel hieronder). Bij andere doelen is een waaier aan toepassingen genoemd, zoals het voorbereiden van lessen, het schrijven van artikelen, het maken van beleid, het up-to-date houden van vakkennis en de verzuimanalyse.

Waarvoor worden de jaarrapportages gebruikt?
Percentage respondenten dat dit doel noemt. N=243

Advisering aan de werkgever 57 %
Spreekuurcontact met werknemers 43 %
Preventief advies 48 %
Risico-inventarisatie en – evaluatie 31 %
Preventief medisch onderzoek 28 %
Nergens voor 15 %
Andere doelen 14 %
Plan van aanpak 13 %
Intrede keuringen 5 %

Papier of digitaal?
Uit het lezersonderzoek komt geen uitgesproken voorkeur voor een papieren rapportage of een beknoptere digitale versie naar voren. Ongeveer een derde (34%) van de respondenten geeft aan de afwisseling wel prettig te vinden, een kwart (26%) zou liever jaarlijks een papieren versie ontvangen, 22% krijgt juist liever jaarlijks een beknopte digitale versie van de jaarrapportage. Nog eens 22% maakt het niet uit/ heeft geen mening. De resterende 6% komt met andere suggesties variërend van een jaarlijkse uitgebreide digitale versie in plaats van een beknopte tot jaarlijks een papieren die dan in omvang wisselt.

Stakeholders
Aanvullend op dit kwantitatieve onderzoek worden op dit moment nog  gesprekken over de jaarrapportages gevoerd met diverse stakeholders vanuit het ministerie van SZW, de werknemers- en werkgeversorganisaties. Suggesties die daaruit naar voren komen, betreffen onder meer het opnemen van een apart hoofdstuk over nieuwe, opkomende beroepsziekten en het opnemen van een uitgebreidere methodologische verantwoording.