Met asbestbeheersplan onrust voorkomen

Het komt nog steeds voor dat er bij een verbouwing van een pand onverwacht asbest wordt aangetroffen. Dit leidt vaak tot onrust bij de medewerkers en het bedrijf. De bedrijfsarts kan een belangrijke rol spelen. Goede voorlichting en een asbestbeheersplan kan veel onrust wegnemen en voorkomen, zo leert de volgende casus.
 

Bij een bedrijf wordt vermoed dat er asbest in het kantoorpand zit. Het is in de zestiger jaren gebouwd en in die periode is nogal eens asbest toegepast als brandwerend middel. Bij onderzoek blijkt dit inderdaad het geval. Zodoende wordt het pand gesaneerd en na afloop vindt een eindcontrole plaats en wordt er een vrijgave afgegeven voor de aanwezigheid van asbest.

Boren in de wand
De eigenaar van het pand verhuurt de kantoorruimte aan een andere onderneming. Dit gaat een hele tijd goed en de medewerkers voelen zich prima thuis in het gerenoveerde pand. Met de groei van de onderneming ontstaat er behoefte aan een grotere en snellere server. Deze past niet op de oorspronkelijke plaats op zolder, maar op een andere plek aan de andere kant van het pand. Hiervoor moeten een aantal gaten in wanden worden geboord om de kabels door te trekken naar de server op de nieuwe plek.

Tijdens deze werkzaamheden gaat het mis. Op een gegeven moment valt er stof op het bureau van de administratie. Iemand vermoedt dat het asbest is en bij nader onderzoek blijkt dat inderdaad het geval. Daarna breekt er onrust uit bij de kantoormedewerkers, maar ook bij de werknemers van de aannemer die de gaten hebben geboord.  Er wordt een onderzoeksbureau ingeschakeld om na te gaan of er sprake is van asbest en de vezelconcentratie te meten.

Voorlichting
Desgevraagd geeft de bedrijfsarts een korte voorlichting over de gezondheidseffecten van blootstelling aan asbest op de korte en lange termijn. De Arbodienst wordt gevraagd om een notitie te maken in de medische kaart van de betrokken medewerkers en deze gegevens te bewaren. Verder ontstaat er onvrede bij de huurder over het feit dat de verhuurder onjuiste informatie heeft verstrekt. Het pand is immers niet asbestvrij. En de verhuurder wijst naar het inspectiebedrijf, dat na de asbestsanering wellicht ten onrechte een vrijgave bewijs heeft verstrekt.

Serieus nemen
Dergelijke casussen kunnen zich vaker voordoen en de vraag is dan hoe dit het beste kan worden aangepakt. Belangrijk is de medewerkers serieus te nemen en goed voor te lichten over de mogelijke gezondheidsschade afhankelijk van de hoogte van blootstelling. In deze casus wordt de blootstelling voor kantoormedewerkers als relatief kort en laag ingeschat. Voor de medewerkers van de aannemer is de blootstelling vermoedelijk iets hoger geweest, maar vermoedelijk nog steeds aan de lage kant. Het berekenen van een individuele blootstellingsscore staat nog op de wensenlijst, maar is nog niet gelukt, omdat nog niet alle benodigde gegevens zijn vrijgegeven.

Zwanger
Tijdens de voorlichtingssessie kreeg de bedrijfsarts de vraag of een zwangere zich zorgen maken over de mogelijke blootstelling van de ongeboren baby aan asbestvezels. Zij kon gerustgesteld worden omdat asbestvezels het ongeboren kind via de placenta niet kunnen bereiken.  

Meestal veilig genoeg
De overheid heeft veel bruikbare informatie over asbest op haar website geplaatst:
Daar wordt onder meer ingegaan op situaties waarin het wenselijk is een asbestbeheersplan op te stellen. “Blijkt uit het asbestinventarisatierapport dat asbest vastzit in ander materiaal in een gebouw, zoals in cement? En zijn er geen sloop- of renovatieplannen? Als het niet makkelijk kan beschadigen, is het meestal veilig genoeg. Dan kunnen er geen asbestvezels vrijkomen en kan het asbestmateriaal beter blijven zitten. Wel is het slim als de gebouweigenaar mogelijke gevaren voor werknemers in kaart brengt en evalueert. Bijvoorbeeld in een asbestbeheersplan. Zodat helemaal duidelijk is hoe het gebouw veilig kan worden gebruikt.”

Asbestbeheersplan
Voor wat betreft een asbestbeheersplan staat er het volgende: "In een asbestbeheersplan staan de maatregelen die de gebouweigenaar neemt of nog moet nemen om voor de toekomst zonder risico's het gebruik van dat het gebouw te waarborgen. Hierin kunnen gebruiksbeperkende maatregelen staan (zoals niet boren of bewerken), informatie die bij de gebruikers bekend moet zijn en wat men moet doen als door een ongeluk schade is ontstaan (noodplan).”

Had het bedrijf een asbestbeheersplan opgesteld, dan had veel onrust kunnen worden voorkomen.

 

Teus Brand
Bedrijfsarts - coördinator onderwijs